Shopping Cart
×
0
Skip to main content
Kenniscentrum

Risico management in de klimsport

Als we op pad gaan in de natuur moeten we ons goed voorbereiden. We stellen onszelf een doel en willen daarnaar handelen. Een goede voorbereiding is medebepalend voor het succes van de trip. Het geeft ruimte om in het moment te genieten.

Zodra we op pad zijn, bevinden we ons in een steeds veranderende omgeving. Zo is de natuur nu eenmaal. Ook heeft het onderweg zijn invloed op ons als mens: we worden moe of komen in onvoorziene situaties terecht. Dat betekent dat wij onszelf en ons plan moeten aanpassen aan de omstandigheden.

Het doel dat we ons gesteld hebben, kan ervoor zorgen dat we waarschuwingssignalen niet altijd scherp registreren. Het is menselijk vast te willen houden aan een doel. Maar het kan ervoor zorgen dat we in situaties terechtkomen die niet meer ideaal of zelfs gevaarlijk zijn.

De Zwitserse berggids Werner Munter introduceerde in 1990 het 3×3 model. Het kan je helpen je activiteiten bij te stellen doordat je hachelijke situaties weet te voorkomen. En dat zorgt ervoor dat beslissingen worden genomen die bijdragen aan een veilige thuiskomst.

Het 3×3 zomer model

Het 3×3 model van Werner Munter biedt een beslissingsraamwerk waarin drie factoren worden gemonitord, op drie momenten rondom de activiteit. De factoren zijn het terrein, de omstandigheden en de mens. Deze worden in de voorbereiding, bij aanvang van de activiteit en gedurende de activiteit in kaart gebracht. Het oorspronkelijke 3×3 systeem is bedoeld om lawinerisico’s in te schatten. Door het succes van het systeem wordt het tegenwoordig veel breder ingezet in de alpine- en klimwereld.

De uitgangspunten van het 3×3 model zijn:

  • Gestructureerde besluitvorming
  • Combineren objectieve en subjectieve waarnemingen
  • Menselijke fouten vermijden

Het combineert objectieve gegevens zoals het terrein, met situatieanalyses zoals het weer en de vaardigheden en conditie van leden van de reisgroep.

Het model is daarmee nuttig voor berggidsen, kliminstructeurs en -begeleiders en (touw)groepen die zelfstandig onderweg zijn. Ook soloïsten kunnen profijt hebben van dit model.

Het eerste analysemoment vindt plaats voordat de trip überhaupt is gestart: thuis tijdens de voorbereiding. De tweede observatie gebeurt direct voor aanvang van de trip en vergelijkt de aannames thuis gemaakt. Je overlegt bijvoorbeeld met de Huttenwirt over het weer en de staat van de sneeuwvelden die je onderweg tegenkomt. De derde observatie en vergelijking wordt herhaaldelijk gedaan tijdens de trip. Weer bepaal je of eerdere aannames nog steeds standhouden. Is dat het geval, dan is het doel van je trip in zicht. Is dat niet zo, dan vraagt dit om een besluit waarbij de groep moet worden overtuigd van aanpassing van het plan.

De drie factoren

De drie factoren die worden gewogen voor, bij aanvang en tijdens de activiteit zijn:

  • Het terrein: hoe moeilijk is het, wat zijn de condities, hoe kan ik veiligheid zekerstellen en risico’s verminderen?
  • Omstandigheden: wat is het huidige weer, hoe zijn de voorspellingen en zijn bepaalde omgevingsfactoren van invloed op de route?
  • De mens: wat is het niveau, hun conditie, ervaring en de uitrusting van de deelnemers.

Observaties en aannames noteer je in een tabel, allereerst tijdens de voorbereiding van je activiteit. Op die manier heb je een tastbare bron om te raadplegen bij aanvang en tijdens de reis. Ook op die momenten maak je aantekeningen, zodat er vergelijkingsmateriaal is op basis waarvan beslissingen kunnen worden genomen. Hieronder een voorbeeld van de besluitvormingstabel, gericht op klimmen en multipitchen:

Elk vakje in de tabel kun je markeren met (G) gunsig of (O) ongunstig. Ook maak je aantekeningen die van belang zijn. Blijkt dat je twee factoren ongunstig hebt gemarkeerd, dan vraagt dit om herziening van het plan of zelfs het afbreken van de onderneming.

Leiderschap speelt overigens een cruciale rol in plansaanpassingen. Een goede begeleider kan schakelen tussen verschillende besluitvormingsstijlen en durft in te grijpen wanneer de situatie daarom vraagt. Het loslaten van een doel is geen mislukking, maar een teken van professionaliteit.

Voorbeeld

Hoewel het 3×3 model vooral gebruikt wordt in alpine situaties, leent het zich ook om tijdens een klimweekend in de Ardennen bij te sturen op de vooraf uitgezette planning.

Situatie:

Je bent op pad in de Belgische Ardennen met een groep licht ervaren klimmers.

klimmateriaal nodig om te kunnen multi pitchenDe eerste check: voorbereiding thuis:

Terrein

Documenteer naar welk gebied je gaat, en onderzoek dit: het type rots, de gradaties van de routes, de behaking, de wandvoet en de ruimte daaromheen. Leent één van de sectoren zich het beste voor een groep? Heb ik dan overzicht? Kan ik looplijnen aanbrengen, als de situatie daarom vraagt?

Omstandigheden

Zoek op welk weer er wordt voorspeld en of het een drukbezocht gebied en/of een piekweekend is. Check ook de groepsgrootte van de aangemelde deelnemers en bepaal of je voldoende instructeurs en begeleiders meeneemt.

Mensen (deelnemers en je team)

Achterhaal het klimniveau van de deelnemers in je groep. Stem daar de sectorkeuze op af. Bepaal ook welke kennis de deelnemers hebben van buitenklimmen, touwtechnieken en veiligheid en hun conditionele staat. Verdiep je, waar mogelijk, in de sociale connecties in de groep; positief én negatief. Besteed ook aandacht aan het team van instructeurs/begeleiders. Hebben zij gezamenlijk voldoende menskracht en competenties om de groep van een veilige en leuke dag te voorzien?

De tweede check: aankomst bij het gebied

Valideer je aannames over het terrein, de omstandigheden en de deelnemers. Besluit of je hier inderdaad kunt klimmen op de gekozen sectoren. Check nogmaals het weer en bekijk de conditie van de rots. Inventariseer of de uiteindelijke groep overeenkomt met de aannames tijdens de voorbereiding en controleer hun uitrusting zoals gordels en helmen. Analyse gedaan, aanpassingen nodig, besloten en doorgevoerd? Dan kun je richting de rots.

De derde check: tijdens het klimmen

Gedurende de dag herhaal je de eerdere checks. Vooral omstandigheden en de factor mens verdienen continue aandacht. Deze zijn het meest veranderlijk. Indien nodig stuur je bij.

De vierde check

Hoewel het 3×3 model van Munter uit drie checks bestaat, is een vierde analysemoment aan te raden: reflectie. Aan het einde van de klimdag evalueer je hoe het ging. Zijn er beslissingen genomen die je de volgende keer anders zou nemen? Heeft de groep waardevolle feedback die je kunt meenemen naar een volgende activiteit? Het is niet erg als niet alles perfect verloopt. Het is wel jammer als je er niet van leert.

Rotsklimmen en risico’s

Rotsklimmen is een risicovolle sport. Als risico’s goed worden ingeschat en er gecontroleerde risico’s worden genomen, kan er veilig geklommen worden. Voor sportklimmen geldt dat met de juiste voorbereiding en continue bijsturing in de situatie, er vrijuit geklommen kan worden. Men kan dan op zoek naar zijn of haar grens.

Als sportkliminstructeur en -begeleider en als organisator van klimreizen ben je verantwoordelijk voor de risico-inschatting rondom het klimgebied, de omstandigheden en de mensen met wie je op pad bent. Bij GoClimb zetten we daarom structureel het 3×3 model in om de veiligheid zoveel mogelijk te borgen.

Conclusie

Risicobeheersing in de bredere klimsport betekent niet het vermijden van risico’s. Het tegendeel is soms aan de orde. Het betekent dat er bewust en gestructureerd omgegaan wordt met onzekerheid. Terrein, omstandigheden en menselijke factoren veranderen voortdurend. Wie veilig wil handelen moet daarom blijven observeren, analyseren, aanpassen en reflecteren.

Het 3×3 model van Werner Munter helpt om beslissingen minder afhankelijk te maken van subjectieve waarneming en groepsdruk. Door op meerdere momenten het terrein, de omstandigheden en de groep onder de loep te nemen, kan men veilig(er) handelen. Je voorkomt tunnelvisie en stuurt je plannen bij indien noodzakelijk.

Het systematisch toepassen van het 3×3 model zorgt ervoor dat je de veiligheid van jezelf en de groep verhoogt. Er wordt niet blindgestaard op het doel dat jullie wilden bereiken, maar op het ultieme doel: iedereen komt weer veilig thuis.

“Een goede bergbeklimmer is een oude bergbeklimmer”.

Bronnen: Advanced Multipitch & Trad climbing KBF, Berg und Steigen, NKBV kenniscentrum